Opleidings-instituut  RTNederland

 Algemene voorwaarden   |   Disclaimer


Reincarnatietherapie Regressie Disclaimer Welkom Lesrooster

Competentie:

Na het volgen van deze module weet de student wat de essentie is van het werken volgens het Holografisch Model.

De student heeft kennis van:


Module 2.                       

Attitude van de therapeut(e) op                    

M.E.L.S.- niveau

Duur: 4 dagen.


De attitude van een therapeut[e] is essentieel om een professioneel therapeutisch proces met een cliënt aan te gaan.

Competentie:

Het verwerven van een professionele grondhouding d.m.v. training en reflectie, waardoor een cliënt alle voorwaarden aangeboden krijgt om een therapeutisch proces aan te gaan.

De student is zich bewust van:

-De invloed van zijn/haar eigen mentale, emotionele, lichamelijke

en spirituele processen op het therapeutisch proces van de cliënt

- Mentaal: De wijze waarop eigen gedachten en oordelen een therapeutisch proces beïnvloeden.

- Emotioneel: De wijze waarop eigen unfinished business het therapeutisch handelen kan stagneren.

 - Lichamelijk: De wijze waarop lichaamstaal, lichamelijke presentie en presentatie doorwerkt in een therapeutisch proces.

- Spiritueel: De wijze waarop

eigen belangen, overtuigingen

en verwachtingen een

therapeutisch proces kunnen

stagneren.


Module 3.                       

Ethiek en Recht

Duur: 4 dagen.


Het recht is ontleend aan de ethiek.

Ethiek is gebaseerd op gewoonterecht.

Waarden en normen onderkennen vanuit gewoonterecht in samenhang met de handelswijze van de therapeut.

Competentie:

Het ontwikkelen van een verantwoorde beroepshouding gerelateerd aan de beroepscode van de NVRT.


De student is:

Op de hoogte van de statuten en het huishoudelijke Reglement van de NVRT.

Goed geïnformeerd over de beroepscode en het formeel tuchtrecht van de NVRT.

In staat eigen gedachten, gewoonten en handelen vanuit ethische waarden en normen te onderzoeken en zo nodig bij te stellen.

In staat de waarden en normen vanuit de multiculturele samenleving te begrijpen, te interpreteren en te hanteren.


Module 4.                       

Communicatieve vaardigheden        

Duur: 4 dagen


Communicatieve vaardigheden zijn de basis, die nodig is om als therapeut een relatie aan te gaan met een cliënt om een compacte of een uitgebreide intake en sessies effectief te begeleiden en af te ronden.


Competentie:

Na het volgen van deze module heeft de student communicatieve vaardigheden ontwikkeld om het Holografisch Model te kunnen hanteren.

De student is na deze module in staat:

  - Zich af te stemmen op de cliënt, verbaal zowel als non-verbaal.

- Representatiesystemen te herkennen en te spiegelen, gebruikmakend van het VAKOG-systeem.

- Het META-model te hanteren om zodoende te komen tot het zorgvuldig specificeren van het probleem waarvoor de cliënt in therapie komt.

- Mentale, emotionele en lichamelijke ingangen te inventariseren, van belang voor de inductie tot het op gang brengen van de herbeleving.

- De gewenste toestand te formuleren, zowel voor elke herbelevingsessie als voor het resultaat van het therapeutische proces.

- Betekenis toe te kennen aan de “S” van “M.E.L.S.”, n.l.: het geven van zin en betekenis aan hetgeen de cliënt overkomen is (Spiritualiteit).

- Een compacte intake af te ronden in een tijdslimiet van een half uur.

Module 5.      

Intake  

Duur: 4 dagen


Een uitgebreide, specifiek gerichte intake is van belang voor het voorbereiden van een holografisch therapeutisch proces met de cliënt.


Competentie:

Het aanleren van een uitgebreide intake, specifiek gericht op het holografisch therapeutisch proces.

De student is na het volgen van deze module in staat:

- De communicatieve vaardigheden uit module 2 toe te passen.

- Een biografische analyse te maken met als doel de persoonlijke en archetypische thema’s te ontdekken, die als rode draden door het leven lopen en verantwoordelijk zijn voor de klachten en problemen.

- De polariteit binnen deze thema’s te herkennen en de manier waarop met polaire verschijnselen, beperkende overtuigingen - postulaten -  zijn ontstaan.

- Overlevingsstrategieën van de cliënt te herkennen en te benoemen.

- Dissociatie van de cliënt – mentaal, emotioneel en/of  somatisch – te herkennen.

- De cliënt de gewenste toestand te laten formuleren  d.m.v. het opvragen van belangrijke verbindingen met de levensdomeinen.

- De intenties van de cliënt en mogelijke contra-indicaties op te sporen.

- Een inhoudelijk en organisatorisch contract op te stellen.

- Een uitgebreide intake af te ronden binnen een tijdslimiet  van twee   uur.


Module 6.                       

Inductie, Trance en Verankeren             

Duur: 4 dagen


Zonder een inductie, M.E.L.-brug en een stevige verankering van een herbeleving ontbreekt de grondslag voor een geslaagde sessie tot herbeleving, nodig om het probleemgebied van de cliënt te herkennen, te analyseren en te neutraliseren.


Competentie:

In deze module wordt geleerd op welke wijzen de student inducties, trance, de M.E.L.-brugmethode en het verankeren kan hanteren voor het op gang brengen van herbelevingen.

De student kan:

-De met het probleem samenhangende mentale, emotionele en lichamelijke symptomen zo combineren dat op een natuurlijke manier contact gemaakt wordt met een onverwerkte ervaring (het “induceren”).

-Onderscheid maken tussen indirecte en directe inductiemethoden.

-Effectief gebruik maken van trance, de verschillen in trancediepte herkennen en indien nodig bijsturen.

-Alle mentale, emotionele en lichamelijke ingangen hanteren en daarbij effectief gebruik maken van het  VAKOG-systeem.

-Het MILTON-model toepassen voor het natuurlijke verankeren en voor herbeleving van ervaring.



Module 7.                       

Medische Basiskennis  

Duur: 6 dagen.


Inzicht krijgen in en het herkennen van de meest voorkomende medische ziektebeelden.


Competentie:

Het herkennen van een ziektebeeld en de daarmee samenhangende thematiek zodat op een verantwoorde wijze aan de traumatiek gewerkt kan worden.

- Ziekten te herkennen met betrekking tot:  celontwikkeling, zenuwstelsel, hormoonstelsel, bewegingsstelsel, immuun-systeem  en zintuigen.

-  Aan de hand van de symptomen de  thematiek te benoemen

- De ontstaansgeschiedenis van een ziektebeeld op MELS-niveau op te sporen.


Module 8.                       

Incidentele en Chronische                               

Traumatisering als Slachtoffer

Duur: 6 dagen


Trauma’s ontstaan door onverwerkte schrik.

Door een combinatie van lichamelijke en psychische reacties kan schrik zich ontwikkelen tot shock. Bij shock treedt dissociatie van bewustzijnsdelen op en verdwijnen de natuurlijke filters waarmee de werkelijkheid wordt waargenomen.

Hierdoor treedt internalisatie op.


Competentie:

Het ontwikkelen van instrumenten voor het effectief begeleiden van schrik, shock en trauma.

De student kan na het volgen van deze module:

- Onderscheid maken tussen verschillende traumatypen.

- Onderscheid maken tussen incidentele en chronische traumatisering.

- Dissociatieve en associatieve technieken herkennen en toepassen.

- Recursieve postulaten herkennen.

- Recursief werkende internalisaties opsporen en externaliseren.

- Omgaan met verstoringen die optreden tijdens het herbeleven van trauma’s.

- Het trauma op M.E.L.-niveau doorwerken, waardoor de door het trauma geblokkeerde levenskracht   wordt vrijgemaakt.

- Een herbeleving op een juiste en adequate manier afronden.



Module 9.                       

Psychopathologie   

Duur: 6 dagen.


Inzicht krijgen in en het herkennen van de meest voorkomende psychopathologische ziektebeelden.


Competentie:

Het herkennen van een psychopathologisch ziektebeeld en de daarmee samenhangende thematiek zodat op een verantwoorde wijze aan de traumatiek gewerkt kan worden.

De student kan:

- Dissociatieve stoornissen,

- stemmingsstoornissen,

- persoonlijkheidsstoornissen,

- angststoornissen,

- eetstoornissen,

- psychoses en neurosen herkennen aan de hand van de symptomen en de thematiek van het betreffend ziektebeeld benoemen.

- De eigen persoonlijke grenzen herkennen en onderzoeken die het al dan niet mogelijk maken om met cliënten met een specifieke psychopathologie een therapeutisch proces aan te gaan.


Module 10.                     

Vorige levens, Excarneren en Tussenbestaan.

Duur:  6 dagen


Problemen in het huidige leven vinden hun oorsprong in onverwerkte ervaringen in het verleden. Het verleden wordt ruim gedefinieerd en omvat naast het recente verleden in de jeugd, ook de geboorte, zwangerschap, conceptie en alle ervaringen daaraan voorafgaand.


Competentie:

De student leert in deze module met behulp van de M.E.L.-brug contact te maken met die traumatische ervaring die gezorgd heeft voor polaire verbindingen en daarmee ook met de polaire thema’s.

De student kan:

- Onbelichaamde ervaringen na de dood herkennen en hiermee werken. (tussenbestaanservaringen).

- Het herbeleven van het proces van excarneren zodanig begeleiden dat de cliënt ervaart op welke   manier het bewustzijn van de persoonlijkheid na het sterven onderdeel wordt van het zielsbewustzijn.

- De ervaringen van het zielsbewustzijn in het tussenbestaan begeleiden.

- Herbelevingtechnieken toepassen, zoals verankeren, ontladen van emoties en lichaamsgevoel, het   ontkrachten van beperkende postulaten in het vorige leven (V.L.).

- 4Blokkades en strategieën herkennen, gericht op het vermijden van pijn.

- Onderscheid maken tussen bewust en onbewust onverwerkt sterven en dit doorwerken.


Module 11.                    

Incarneren en concipiëren                      

Duur: 4 dagen


Excarneren en incarneren hebben een polaire verbinding, waarin de belangrijkste polaire thema’s van de cliënt herkenbaar zijn. Deze polaire thema’s en de daarmee verbonden postulaten spelen een grote rol bij het excarneren en daardoor ook bij het incarneren.


Competentie:

Het ontwikkelen van instrumenten om de cliënt te begeleiden bij het proces van incarneren en concipiëren.

De student kan na het volgen van deze module:

- Het herbeleven van het proces van incarneren begeleiden, gebruikmakend van de “Heliport”.

- De cliënt laten ervaren dat de heliport als landingsplaats voor de ziel, gezien kan worden als een   complex systeem van informatie, waarvan de inhoud aansluit bij de in de ziel aanwezige ladingen.

- Ontdekken wat de levensdefinities zijn die ontstaan rondom het sterven in het vorig leven ( V.L.) en nog   doorwerken in het huidige leven (H.L.)

- Oude thema’s die geactualiseerd worden bij de conceptie herkennen.

- Inzicht hebben in de belangrijkste polaire (familie) thema’s achter de symptomen.

- Diverse varianten van conceptie volgens verschillende modellen begeleiden.


Module 12.                     

Prenataal, Geboorte en Bonding

Duur: 6 dagen


Tijdens de geboorte en kort daarna – de fase van de ‘bonding’ – worden oude, onverwerkte ervaringen krachtig geactualiseerd.

De geboorte is de overgang van een volledig symbiotische fase naar een gedeeltelijk symbiotische fase in het ontwikkelingsproces van een mens. Sterke emoties, pijn en/of complicaties met als gevolg schrik en shock, kunnen bij moeder en kind verbonden raken met beperkende levensdefinities die actualiserend kunnen werken op oude trauma’s of nieuwe trauma’s doen ontstaan.

De autonomie en het gebruik van levenskracht kunnen hierdoor blokkeren.


Competentie:

Ontwikkelen van instrumenten om de autonomie en de geblokkeerde levenskracht van de cliënt te herstellen, die ontstaan is door actualisering van oude, onverwerkte ervaringen in de prenatale fase, geboorte en bonding.

De student kan:

- De actualiseringgevoelige momenten prenataal herkennen en de verinnerlijkte energie van (vooral)   moeder externaliseren.

- Per symptoom of thema de actualisering in de prenatale fase opsporen en doorwerken.

- Onderscheid maken tussen de zogenaamde ‘moedertape’ en ‘babytape’.

- De ervaringen van moeder en kind scheiden, de actualiseringen en eventuele nieuwe trauma’s   opsporen en doorwerken en de desintegratie opheffen.

- De beleving van de moeder en de invloeden daarop van de buitenwereld, doorwerken.

- De herbeleving van de fysieke ervaring van de baby zelf begeleiden.

- Indien nodig, de cliënt vanuit de natuurlijke levenskracht de geboorte laten ervaren.

- Het moment van autonomie – het doorknippen van de navelstreng – laten ervaren.

- Verstoorde bindingen (schijnbinding) opsporen en loskoppelen en alsnog een vorm van binding laten   ontstaan met de ouders.



De ontwikkeling van de mens verloopt grotendeels volgens een universeel vastgestelde lijn.

Al dan niet verbroken verbindingen met een of meerdere levensdomeinen tengevolge van traumatiek in een ontwikkelingsfase, maken de mens tot wie of wat hij/zij is.


Competentie:

Inzicht krijgen in en kennis hebben van de ontwikkelingsfasen van de mens en de verbindingen met de levensdomeinen om de traumatiek te kunnen analyseren, te laten verwerken, te neutraliseren en de verbroken verbindingen te herstellen in reïncarnatietherapiesessies.

De student kan:

- Stagnatie in de ontwikkelings-fasen herkennen.

- Verbroken verbindingen met de levensdomeinen opsporen.

- Oorzaak – en gevolg- overtredingen als gevolg van traumatiek in specifieke ontwikkelingsfases herkennen.

- De traumatiek analyseren die geleid heeft tot de verstoring binnen de ontwikkelingsfase.

- Het meest onvoorwaardelijke deel van de totale persoonlijkheid inschakelen om het   getraumatiseerde kindsdeel definitief te helen.

- Ingriffingen externaliseren.

- De gedissocieerde kindsdelen integreren in de totale persoonlijkheid.

  De keuzemogelijkheden herstellen in die situaties waarin de cliënt zich onvrij en beperkt heeft gevoeld.

- Ontwikkelen van de natuurlijke innerlijke ouder.


Naar Vervolgpagina “module inhoud’


© 2015 St. OPV

Competenties en afgeleide doelstellingen per module.



Module 1.

Polariteit en Bewustzijn

Duur: 6 dagen



Binnen het Holografisch Model wordt gewerkt aan de bewustwording van de cliënt dat zijn traumatiek polariserend werkt.

module-inhoud-vervolg (Mobile) Verdiepings-en afstudeerfase (Mobile) Home page